Waarom gebeurt dit?
Slaan is vaak een snelle lichaamstaal voor frustratie, machteloosheid of overprikkeling.
Wat kun je op dit moment doen?
Kies één kleine route. Je hoeft het niet perfect te doen; je kind heeft vooral voorspelbaarheid en jouw rustige herhaling nodig.
- Stop de hand of vergroot afstand.
- Zeg: ik laat je niet slaan.
- Benoem boosheid.
- Geef een veilig alternatief.
Korte zinnen die je kunt gebruiken
Zinnen mogen simpel zijn. Juist dat helpt wanneer je kind overspoeld is.
- Stop. Ik laat je niet slaan.
- Je bent boos. Slaan doet pijn.
- Je mag stampen. Niet slaan.
- Ik help je stoppen.
Wat helpt vóór het volgende moment?
Oefen hulpmiddelen op rustige momenten. Dan zijn ze bekender wanneer het spannend wordt.
- Oefen stampen of duwen tegen de muur.
- Gebruik de vulkaanmeter.
- Leg een kussen klaar.
Wat helpt na afloop?
Na afloop is herstel belangrijker dan een lange preek. Houd het kort, concreet en verbindend.
- Herstel met korte woorden.
- Laat je kind helpen goedmaken.
- Oefen alternatief gedrag opnieuw.
Verder lezen
Alle artikelenVeelgestelde vragen
Is dit normaal bij peuters en kleuters?
Grote gevoelens en driftbuien komen vaak voor bij jonge kinderen. Kijk vooral naar veiligheid, frequentie, herstel en of je kind ook rustige momenten heeft.
Moet ik veel uitleggen op het moment zelf?
Meestal niet. Tijdens grote emoties komen lange zinnen vaak niet binnen. Korte woorden, nabijheid en een duidelijke grens werken praktischer.
Wanneer is extra hulp verstandig?
Zoek hulp als veiligheid in gevaar komt, gedrag extreem vaak voorkomt, je je zorgen maakt over ontwikkeling of als jij als ouder uitgeput raakt.
Vervangt dit professionele hulp?
Nee. Deze informatie is algemene opvoedhulp voor thuis en vervangt geen advies van huisarts, jeugdarts, CJG of andere professional.